Veelkleurig Nederland vanaf 1945

Een maatschappij met veel culturen

Lees voor...

De Nederlandse bevolking is in de afgelopen honderd jaar enorm gegroeid. In 1900 woonden er ruim vijf miljoen mensen in Nederland. In 2000 waren dat bijna zestien miljoen mensen. Ongeveer anderhalf miljoen daarvan zijn kinderen die naar de basisschool gaan.

Nederland heeft zoveel scholen

Er zijn veel soorten basisscholen in Nederland: openbare, protestantse, katholieke, islamitische, hindoeïstische en humanistische scholen, om er een paar te noemen. Dat heeft te maken met de verschillen in levensbeschouwing en geloof in Nederland. Met levensbeschouwing wordt bedoeld de manier waarop iemand in het leven staat.

Verschil in geloof kun je soms zien

Het leerplan (dat wat op scholen behandeld wordt) is op alle Nederlandse scholen ongeveer hetzelfde. Behalve als het om geloof en levensbeschouwing gaat; dat mogen scholen zelf invullen.
Soms kun je het verschil in geloof ook zien. In kleding en de manier waarop je met elkaar omgaat , maar ook op feestdagen. Dat zie je terug op de verschillende scholen.
Ouders kiezen een school voor hun kind. Ze hebben daar hun eigen redenen voor. Kinderen weten vaak zelf wel op wat voor school ze zitten.

Alle basisscholen zijn gelijk

Al in de 20e eeuw bestonden er verschillende soorten scholen. De vrijheid van onderwijs staat in de grondwet (artikel 23). De zogenaamde ‘schoolstrijd’ heeft er vroeger al voor gezorgd dat alle scholen met een levensbeschouwing net zo werden behandeld als het openbare onderwijs. Iedereen vond het heel gewoon en niemand dacht er nog over na. Totdat in 1988 en 1989 de eerste hindoeïstische en islamitische basisscholen werden opgericht.

De mensen kwamen overal vandaan

Rond 1960 kwamen er steeds meer nieuwe mensen naar Nederland. Immigranten, noemen we zulke mensen. Ze kwamen uit landen als Indonesië, Joegoslavië, Turkije en Marokko om hier te werken en te wonen. De regering wilde dat ook graag. Er was veel werk en er waren te weinig mensen. Eerst kwamen de mannen (als gastarbeider), later kwamen hun gezinnen ook.
Behalve dat kwamen er ook vluchtelingen naar Nederland die in ons land mochten blijven, uit Afrika bijvoorbeeld. Doordat er zoveel verschillende volken in Nederland kwamen wonen, kwamen er ook vragen om nieuwe scholen, scholen die pasten bij de nieuwe Nederlanders.

Een moskee in de stad

De Nederlandse bevolking veranderde dus snel. In 1955 werd in Den Haag de eerste moskee in Nederland opgericht. Je ziet ze nu in iedere stad. Je herkent ze aan hun minaret, een soort torentje. Net als binnen het christendom, heb je ook binnen de islam verschillende richtingen, die allemaal een beetje van elkaar verschillen.

Wat is dat, een Nederlander?

Vooral rond de islamitische scholen is sinds het begin van de 21e eeuw weer een soort schoolstrijd begonnen. Daaraan kun je zien hoe moeilijk het is om al die verschillende volken in de Nederlandse samenleving een plek te geven; hoe de verschillende culturen en godsdiensten in de Nederlandse kunnen worden gepast. Er wordt veel over gediscussieerd: in de regering, maar ook op straat. De discussie gaat over heel grote problemen, maar ook heel kleine.
Steeds komt deze vraag terug: Wat houdt ‘Nederlander zijn’ eigenlijk in? Ook de groep jonge veelkleurige Nederlanders die nu op school zitten zal voor zichzelf een antwoord op die vraag moeten geven.


groep 7 en 8
inloggen