Srebrenica 1995

Hoe zorg je voor vrede in moeilijke tijden?

Lees voor...

Op 6 juli 1995 trokken de troepen van generaal Mladic op naar Srebrenica, een plaats in Bosnië-Herzegovina (in de buurt van Griekenland). Mladic was op oorlogspad. Srebrenica was uitgeroepen tot een veilige plek voor moslims. Nederlandse soldaten moesten Srebrenica en de moslims beveiligen. Maar zonder veel tegenstand viel Srebenica in handen van Mladic. Dat was op 11 juli 1995.

Opletten

Nederlandse soldaten waren toen onderdeel van de troepen van de Verenigde Naties (VN). Ze waren op een zogeheten vredesmissie. Er waren afspraken gemaakt tussen de vechtende partijen. De VN-troepen moesten erop letten dat de afspraken werden nagekomen. De Nederlandse soldaten vormden een groep die 'Dutchbat III' heette. Dutchbat III kreeg Srebrenica toegewezen.

Mannen en vrouwen werden gescheiden

Veel moslimmannen waren al gevlucht uit Srebrenica. Niet dat het veel uitmaakte, want de meesten werden op hun vlucht toch door de Serviërs opgepakt. In Srebrenica scheidden de Serviërs de mannen en jongens van de vrouwen en meisjes. Dutchbat III hielp ze daarbij. Kinderen mochten bij hun moeder blijven. Daarna werden de moslimmannen in bussen weggebracht. Niet veel later werden minstens 7000 van hen vermoord.

Prins Willem-Alexander verwelkomde Dutchbat

Sommige soldaten zeiden later, dat ze wel vermoedden wat er zou gebeuren. Maar er was niemand bij toen de mannen vermoord werden. De Dutchbatters moesten terug naar Nederland. Ze reisden via Zagreb. Daar werden ze door minister-president Kok en prins Willem-Alexander verwelkomd.

Eerst keek iedereen naar de soldaten

Toen in Nederland doordrong wat er onder de ogen van Dutchbat was gebeurd, kwamen de vragen. Waarom hadden de Nederlandse soldaten de mensen niet beschermd tegen de Serviërs? Hadden ze deze massamoord niet kunnen voorkomen? Eerst waren alle ogen op de militairen gericht. Al snel bleek dat zij niet de eerst-verantwoordelijken waren.

Wat was er gebeurd en wie had de schuld?

In september 1996 kreeg het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (NIOD) de opdracht alles te onderzoeken. De regering wilde precies weten wat er was gebeurd, wie wat had gedaan. In 2002 was het rapport van het NIOD klaar. Minister-president Kok nam de verantwoordelijkheid voor de ramp in Srebrenica op zich. Tenslotte was hij minister-president toen het gebeurde. Hij en zijn regering traden toen af.

De VN stuurt soldaten op vredesmissie

Het Nederlandse leger heeft vanaf het begin meegedaan aan VN-vredesmissies. Als er in een land of tussen landen problemen zijn, worden die vaak opgelost met een vredesakkoord. Daarin maken de vechtende partijen afspraken. De VN stuurt troepen naar dat gebied. Die letten er namens de VN op of iedereen zich aan de afspraken houdt. De eerste vredesmissie was in 1948, in Israël.

Wat mag het leger wel en wat niet?

Een groot probleem bij vredesmissies is de ‘geweldsinstructie’. De troepen werken in gevaarlijk gebied. Wat mag het leger wel doen en wat niet?
De regering maakt afspraken met de VN over welke wapens gebruikt worden en het soort geweld dat het leger mag gebruiken. De Tweede Kamer heeft het laatste woord. Zij horen wat de afspraken zijn en moeten dan beslissen of er militairen worden gestuurd. De Tweede Kamer moet goed nadenken over de taken van het leger en de gevaren die ze lopen. Na Srebrenica is weer duidelijk geworden dat ze dus alle goede informatie moeten krijgen.

Een zwarte bladzijde

Srebrenica is voor Nederland een 'zwarte bladzijde' in de geschiedenis. Het heeft ervoor gezorgd dat iedereen nu nog veel voorzichtiger is bij het uitzenden van soldaten. Maar Nederland heeft ook besloten wél door te gaan met vredesmissies. Het wil zich niet afsluiten en blijft luisteren naar VN-verzoeken om militaire steun. Nederland wil een rol blijven spelen in de internationale (vredes)politiek.

 


groep 7 en 8
inloggen